Octaaf: absoluut of relatief

Voor het noteren van de absolute octaafhoogte worden komma’s en apostrofs gebruikt:

subcontra-octaaf: c,,, t/m b,,,
contra-octaaf: c,, t/m b,,
groot octaaf: c, t/m b,
klein octaaf: c t/m b
ééngestreept octaaf: c' t/m b'
tweegestreept octaaf: c'' t/m b''
driegestreept octaaf: c''' t/m b'''
viergestreept octaaf: c'''' t/m b''''

Maar Lilypond kent een handige functie waarmee het octaaf relatief wordt bepaald. Het fragment uit het vorige hoofdstukje kan ook alsvolgt worden geschreven:

\relative c' { c2~ c8 b c d e4 c a fis' g }

music example

Je geeft dus na \relative een begintoonhoogte op en een stuk muziek. Lilypond kiest, vanuit de opgegeven begintoonhoogte, voor elke volgende noot steeds de dichtstbijzijnde hoogte. Dus bijvoorbeeld: c f springt vanaf c een kwart naar boven (f), maar c g springt een kwart naar beneden (g).

Wil je een sprong noteren groter dan of gelijk aan een kwint dan kun je net zoveel komma’s of apostrofs gebruiken als nodig: c f, springt vanaf c een kwint naar beneden, terwijl c g' een kwint naar boven springt.

In het voorbeeld zijn alle sprongen kleiner dan een kwint, behalve a fis. Daar is een apostrof nodig omdat de fis anders een octaaf te laag zou uitkomen. Voor sprongen naar beneden worden een of meer komma’s gebruikt.

Met de meeste muziek werkt de relatieve notatie het prettigst. Als je ergens een fout maakt in de octaafnotatie valt dat gelijk op omdat grotere fragmenten dan in het verkeerde octaaf terecht komen. De plek waar de fout zit is dan snel gevonden. Verder is het natuurlijk minder typwerk bij veel hoge of lage noten.

De gewenste sleutel wordt aangegegeven met het \clef-commando:

\relative c, {
    \clef bass c8 c' g' c \clef treble e g bes c d e fis g
}

music example

»LP:Alle sleutels.